In de wijk Bohemen ligt sinds kort ruim 3.800 meter nieuw riool. Bovengronds ging de openbare ruimte op de schop. Daarbij werden 3 projecten samengevoegd tot 1 project. Hoewel er veel moest gebeuren, was het werk 2 maanden eerder klaar dan gepland. Ben en Jury blikken terug.

Al in het begin maakten de gemeente en de aannemer afspraken die later in het project van pas kwamen. Dat zat bijvoorbeeld in de overleggen: techniek en financiën bespraken zij in aparte vergaderingen. Ben hoofduitvoerder bij aannemer Dura Vermeer legt uit waarom dat helpt: “Als financiële punten blijven liggen, loopt de spanning op. Door de gesprekken te scheiden bleef het werk gewoon het werk.” Jury, directievoerder bij gemeente Den Haag, knikt instemmend: “Je kunt het daardoor echt oneens zijn en daarna gewoon samen een bakkie koffie drinken.”

Doortesten met klinkers tot het lukt

Dat oneens zijn kwam ook zeker voor. Tijdens de werkzaamheden bleek dat de oude klinkers flink van maat verschilden. Ze waren gebakken in een tijd toen dat nog niet zo precies ging en daardoor lukte het eerst niet om ze machinaal te verwerken. Voor de aannemer was nieuw materiaal aanvoeren de makkelijkste weg. “Een vereiste van ons is dat het machinaal te verwerken is, maar we kregen het gewoon niet voor elkaar.” zegt Ben. “We wilden eigenlijk voorstellen om nieuw materiaal toe te passen en deze klinkers ergens anders in te zetten. Alsnog duurzaam, maar dan op een andere plek.”

links Jury, rechts Ben

De gemeente hield voet bij stuk. Dit materiaal moest in de wijk blijven. “Onze wens om duurzaam te werken is groot,” vat Jury de lijn samen. “Dat kost soms geld. Maar daar hadden we dan gewoon een gesprek over.” Het team van Ben bleef daarom doortesten tot zij een methode vonden. Eerst met dik karton, dat door de regen verweekte. Daarna met een dun, verend kunststofvel tussen de stenen dat de hoogteverschillen opving. Er werd een leverancier bij gezocht die het kon maken. Het lukte, en de oude stenen liggen er nu goed bij in de parkeervakken. “Een mooi voorbeeld van hoe je samen tot een oplossing komt,” zegt Jury.

Op elkaar kunnen bouwen

Ook in het dagelijkse werk bleek hoe de projectteams op elkaar konden bouwen. “De uitvoerders van Dura Vermeer werkten secuur tot in de puntjes en telkens als we iets narekenden, klopte het.” Daardoor hoefde Jury niet overal bovenop te zitten. Andersom wist Ben zich verzekerd van een opdrachtgever die zijn vragen meteen oppakte, zodat niets bleef liggen en het werk door kon.

De bewoners voorop

Al die tijd bleven de bewoners in de wijk het belangrijkst. Naar buiten toe spraken gemeente en aannemer met één stem. Hun omgevingsmanagers overlegden samen, ook op locatie, en een bouw-app hield bewoners wekelijks op de hoogte van wat er gebeurde en wat eraan kwam. Er gingen nooit meer dan 3 straten tegelijk open, want anders werd de overlast te groot. “En voordat de buitenriolering werd vervangen, zochten we op sommige locaties eerst de huisaansluitingen in de straat op, en zorgden voor een tijdelijke oplossing voor de afvoer. Zo konden er in de woningen geen problemen zoals wateroverlast ontstaan.” licht Ben toe.

Altijd mét elkaar

En de planning, hoe ging dat? “Ondanks de omvang van het werk, 22 straten, zijn we dus 2 maanden eerder klaar dan de contractuele verplichting.”, vertelt Jury. “Een deel daarvan is te danken aan de voorbereiding. Tussen de gunning en de eerste schop in de grond zat een ruime voorbereidingstijd van 4 maanden.” Dura Vermeer zette er direct 2 uitvoerders op. “Daardoor konden we veel vragen stellen en problemen voorzien voordat ze problemen werden,” vult Ben aan. Inmiddels is de wijk opgeleverd. Terugkijkend trekken beiden dezelfde conclusie: een project slaagt doordat opdrachtgever en bouwer samen verantwoordelijkheid nemen voor het beste resultaat.