21-11-2025 | Bij asfalteren wordt een gloeiend heet mengsel van zand, grind, vulstof en bitumen uitgereden op de weg en platgewalst. Voordat die machines aan het werk kunnen, is er al veel werk verricht. Het inplannen van asfalteringswerkzaamheden is namelijk lastiger dan het lijkt.
Officieel zijn er in Nederland 4 seizoenen. Winter, lente, zomer en herfst. In de wereld van de wegenbouw bestaat er ook nog een asfaltseizoen. “Van april of mei tot en met september zijn de beste weersomstandigheden om te asfalteren,” vertelt assetmanager Marco. Hij is een van de mensen die zorgt dat de wegen in de stad er goed bij blijven liggen. “Het ideale weer voor asfalteren is droog, windstil en met een temperatuur tussen de 15 en 25 graden.”
Bereikbaar houden van de stad
In het ideale geval gebeurt al het asfalteren in het asfaltseizoen. Dat kan in Den Haag vaak niet, omdat de gemeente de stad bereikbaar wil houden. Daarom zijn er regels voor welke wegen er tegelijkertijd dicht mogen zijn in de stad. Om toch te zorgen dat alle wegen goed asfalt hebben, gebeurt asfalteren in de gemeente ook weleens buiten het asfaltseizoen.
Regen
Dat heeft nadelen. Asfalteren kan bijvoorbeeld niet als het regent. Als het regent, koelt het asfalt namelijk te snel af. Marco legt het uit: “Asfalt is gemaakt van een mengsel van zand, grind en vulstof. Dat mengsel wordt aan elkaar geplakt met bitumen. Bitumen moet je opstoken tot het vloeibaar is. Dat gebeurt pas bij een temperatuur rond de 160 graden. Het hete asfalt komt op die temperatuur uit de asfaltcentrale en gaat dan in een vrachtwagen. Vanuit de vrachtwagen gaat het in de spreidmachine die het asfalt op de weg gaat leggen. Zo’n spreidmachine staat open in de buitenlucht. En als het regent koelt het asfalt snel af.”

Asfalt dat snel afkoelt, kan niet goed genoeg in elkaar geduwd (verdicht) worden door de walsen. Als de verdichting te laag is, is de kwaliteit van het asfalt niet goed. Hierdoor ontstaan zwakke plekken, verzakkingen, snellere slijtage en een kortere levensduur.
Wind en buitentemperatuur
Datzelfde gebeurt wanneer er veel wind is, of als de buitentemperatuur heel laag is. Ook dan koelt het asfalt te snel af in de buitenlucht. Zelfs als het te warm is, kan het misgaan: dan koelt het asfalt juist niet snel genoeg af. “Dan kan de walsmachine het asfalt kapot walsen.”
Asfaltploegen
En alsof dat nog niet genoeg is: wanneer asfalteren bij regen of slecht weer niet lukt, kan het niet gewoon de volgende dag alsnog. De mensen en machines die samen een asfaltploeg vormen, zijn namelijk schaars. “Al een halfjaar van tevoren moet je een asfaltploeg vastleggen om te gaan asfalteren,” weet Marco. “Soms heb je geluk en komt er een ploeg vrij van een bijvoorbeeld een ander project waarvan de planning is uitgelopen. Of als het ergens anders te slecht weer is, maar hier niet.”
Als dat niet zo is, kan er een lange wachttijd zijn voordat er een ploeg beschikbaar is. Soms maakt de gemeente daar vooraf afspraken over. Dan staat er in het contract dat als het asfalteren niet door kan gaan vanwege de weersomstandigheden, dat het een week later alsnog moet gebeuren. Het nadeel van dit soort afspraken is dat het project duurder wordt.
Asfaltcentrales
Ten slotte zijn er minder asfaltcentrales in Nederland dan enkele jaren terug. De vraag naar asfalt is daardoor hoger dan de fabrieken kunnen produceren. Dus wanneer de planning verschuift, moet ook de asfaltcentrale ruimte hebben om het asfalt te maken. Het asfalt maken kan niet ver van tevoren, want het asfaltmengsel moet heet blijven totdat het op straat ligt. Daardoor blijft het maar een aantal uren bruikbaar.
Er zijn kortom zoveel mitsen en maren dat de kans is groot is dat gepland asfalteerwerk niet doorgaat. En toch gebeurt dat in Den Haag gelukkig niet vaak: “De gemeente asfalteert toch nog tussen de 70 en 90.000 vierkante meter weg per jaar. “Dus het plannen is lastig, maar wat er misgaat valt ook wel weer mee.”